
Wat gebeurt er als we dertig procent groeien?
Iedereen wil die vraag beantwoord hebben met een plan om meer aanvragen binnen te halen. Ik draai hem om: kán dit bedrijf dertig procent aan? En zo niet, waar breekt het dan als eerste?
AuteurJohn van den BoschCloudzicht.nl
Waar breekt een bedrijf het eerst?
Bijna nooit waar u kijkt. In dit voorbeeld — hetzelfde installatiebedrijf als in deel 03 — is het eerste knelpunt niet de monteur en niet de markt. Het is de bus. Zeven bussen op twaalf man zit al op 95 procent, en bij vijf procent groei zit u eroverheen.
Schuif of tik op een scenario. De lijn is honderd procent — daarboven is er meer nodig dan er is.
De bezettingen van vandaag zijn aannames. Wat er niet van afhangt is de methode: welk middel het eerst breekt, hangt af van waar u nu al het krapst zit — en dat is zelden waar u naar kijkt.
Vier van de vijf staan over de grens
Bij dertig procent groei zitten de bussen op 124 procent, de monteurs op 120, de planning op 110 en het werkkapitaal op 107. Alleen de administratie haalt het net, op 99.
Dat is geen groeiplan meer. Dat is een verbouwing waar toevallig ook omzetgroei bij hoort — en die volgorde is precies verkeerd om.
Het werkkapitaal is daarbij de stille. Materiaal en loon gaan vóór de factuur uit, dus dertig procent meer werk betekent dertig procent meer geld dat u eerst moet voorschieten. Dat merkt u pas als het al zo is.

Het eerste knelpunt is de bus, niet de monteur. Bij vijf procent groei zit u er al overheen.
Niet remmen. Op volgorde verbouwen.
Welke middelen heeft u, en hoe vol zitten die nu? Vijf getallen. Wie ze niet weet, weet ook niet of groei kan.
Een bus is goedkoper dan een monteur, en in dit voorbeeld is de bus het knelpunt. De volgorde van verbouwen volgt de krapte, niet de prijs.
Meer omzet is eerst meer uitgaven. Wie dat niet doorrekent, groeit zichzelf in de problemen — en dat gebeurt vaker dan omvallen door te weinig werk.
Dit is dezelfde omkering als op hoe maken we dit bedrijf expres kapot: “groei zonder cashplanning” staat daar niet voor niets in de lijst.
Het eerste knelpunt is de bus, niet de monteur: zeven bussen op twaalf man zit al op 95 procent en breekt bij vijf procent groei. Bij de gevraagde dertig procent staan vier van de vijf middelen over de grens.
De vijf middelen zelf invullen met de bezetting van vandaag, en dan verbouwen op volgorde van krapte in plaats van op volgorde van prijs. Een bus is goedkoper dan een monteur en is hier het knelpunt.
De bezettingen van vandaag zijn aannames van mij; ik ken de werkelijke cijfers van dit bedrijf niet. Ook ligt het aan de aard van het werk of bussen en monteurs echt zo strak gekoppeld zijn — bij ander werk kan een monteur meerijden en verschuift het knelpunt. De methode blijft hetzelfde, de volgorde kan bij u anders uitpakken.
Eén procent meer uit de bussen halen — een rit minder, een slimmere volgorde — schuift het knelpunt van vijf naar zes procent groei. Klein, maar het is wél het middel dat als eerste breekt.
Waar loop jij tegenaan?
Laat je nummer achter, dan bellen we terug. Geen offerte in je mailbox en geen verkooppraatje — een gesprek van twintig minuten waarin we eerlijk zeggen of we je verder kunnen helpen.
Negen werkende configurators. U vult uw maten in en de prijs beweegt mee — inclusief wat een vakman erbij zou zeggen.